Costa Rica

5 Sep 2012

 

Pura Vida: de Nationale leus van Costa Rica. 

Letterlijk vertaald; puur leven, maar het wordt op velerlei manieren gebruikt o.a. als groet, geniet van het leven of dit is het leven. Het klopt helemaal, je voelt en ziet het als je door het land reist. 

(5 September t/m 13 November 2012)

 

Osa de Peninsula

 

Bahia Drake

Er zijn 2 wegen op het schiereiland om zo dicht mogelijk bij het Corcovado National Park te komen. Volgens onze eerste berichten, hoorden we dat de weg naar Drake gesloten was ivm het regenseizoen. Steven vertelde ons dat de weg open en goed te rijden is. Voor ons een reden, om ook die kant van het schiereiland te verkennen. Via een 30 km lange onverharde weg, bereiken we Drake. Maar het ging niet helemaal vlekkeloos. In totaal moesten we door 6 rivieren heen rijden. Tot en met de vijfde rivier ging het prima. We zagen dat de laatste rivier zeer breed was, maar ook een stuk dieper. Even goed kijken, maar JP had er alle vertrouwen in. Wat jammer, want precies op het laatste diepste punt, raakten we vast. Vast in de rivier!!! Ik (Hannie) moest via het raam naar buiten, anders was de auto vol gestroomd. Ik maakte de lier aan een boom vast. Even zag ik de boom behoorlijk onze kant opkomen, maar met hulp van een andere chauffeur, lukt het om de auto op het droge te krijgen. 

 

In het dorpje Drake vinden we een mooi plekje bij het strand. Vanaf Drake lopen we langs de kustlijn een mooie wandeling. We passeren verschillende hotels en lodges die hier een toplocatie hebben. Ook hier zien we weer mooie vogelsoorten rondvliegen. Als we even stoppen om iets te eten, zijn we zeer alert, want de aapjes zijn op de achtergrond in de bomen aanwezig. We merken dat het regenseizoen goed aangebroken is. We hebben veel regen en de grond was al behoorlijk zacht. Als we willen vertrekken gaat het niet zomaar. We zitten weer vast, maar nu in de modder. Overal halen we hout vandaan om onder de wielen te leggen. JP maakt de banden vrij. Ik gooi de lier om de boom en uiteindelijk komt de auto vrij uit de modder. We laten een mooi modder schilderij op het terrein achter. 

 

Puerto Jimenez

Op het schiereiland Osa ligt het bekende Corcovado National Park. Wij rijden naar Puerto Jimenez toe. Als we in het dorp zijn, informeren we bij een toeristenkantoor de mogelijkheden om het park te bezoeken. Dit blijkt nog niet zo eenvoudig te zijn. Via een zeer slechte onverharde weg is het nog 40 km rijden tot Carate, waar de weg ophoudt. Daarna loop je 5 km, voordat je de entree van het park bereikt. In het park zelf kun je wandelen en eventueel onderweg kamperen met een tent. Deze trip is geen optie voor ons. In het dorp ontmoeten we Steven uit Nederland die al vele jaren op het schiereiland woont. Hij nodigt ons uit voor koffie bij hem en zijn gezin thuis. Zo zitten we zelfs later mee te eten, wat een gastvrijheid. Net buiten het dorp is een camping, waar we ’s avonds naar toe rijden. Omdat het donker is, hebben we geen indruk hoe groot het precies is. 

 

Als we de volgende morgen uit ons bed rollen en een kopje koffie drinken, zien we hoe groot en mooi het hier is, met aan de overkant van de straat de zee. De toekans en vele kleurrijke vogels vliegen rond. Even later horen we het gekrijs van de fantastisch mooi gekleurde ara’s. Dit is toch zo bijzonder om te zien. In de avond eten we heerlijke dorado vis bij Steven en Milena. Op vrijdagmorgen rijden we samen met Steven in zijn 4x4 auto de route naar Carate. Onderweg stoppen we op verschillende locaties om te genieten de schitterende stranden en uitzichten. Het is een mooie tour, die we zeker niet hadden willen missen. Op zaterdagmorgen nemen we, na een paar gezellige dagen afscheid van elkaar.

 

Ojochal

Na een overnachting in Dominical op het strand, rijden we een klein stukje verder naar Ojochal. De route langs de kust is bijzonder mooi met uitzicht op de kustlijn. We gaan op zoek naar El

 

Mono Feliz (de gelukkige aap). Anja en Otto hebben een mooi hotel net buiten het dorpje. Een heerlijk stekje voor ons, om even te relaxen en alvast voor te bereiden voor Panama. Na twee dagen reizen we verder om naar het laatste gebied van Costa Rica rijden, dat wij graag willen zien.

 

 

National Park Los Quetzales

We reizen via de bergen richting de Pacific. Het is een groot verschil, want de eerste avond zitten we ineens op ruim 1800 mtr hoogte. Gewoon koud voor ons. We overnachten in Santa Maria de Dota, een klein dorpje in een vallei. De volgende morgen rijden we naar het National Park Los Quetzales, waar we een pittige wandeling maken. Het is hier nog hoger, maar ook tijdens het lopen is het flink klimmen. Ondanks dat we al een tijdje de bekende vogel ‘Quetzales’ willen spotten, lukt het vandaag ook niet. Na de wandeling volgen we de route ‘Cerro de la Muerte’ (berg van de dood). Na het hoogste punt ruim 3000 mtr is het via vele bochtjes flink dalen richting de kust. 

 

Na ruim 3 weken nemen we afscheid van Maria. Het wordt voor ons echt tijd om verder te reizen. We hebben een bijzondere leuke tijd gehad bij haar. We hebben ons steentje bijgedragen, omdat we de entree van de camping hebben opgeknapt. JP heeft 2 stenen apen op de zuilen geplaatst en alles netjes gemetseld. Samen hebben we een mooi ‘welkom’ bord gemaakt. Maria wilde graag dat we nog langer bleven of zelfs bij haar kwamen wonen. Een zeer aantrekkelijk aanbod, maar we willen nog teveel zien.

 

Cahuita

 

En zo rijden we weer terug naar Maria. De laatste weken maken we weinig kilometers, want de afstand tussen Manzanillo en Cahuito is maar 20 km. We hadden afgesproken om terug te komen. Maria heeft onze fietsen gekocht. Na meer dan 2 jaar nemen we afscheid van onze fietsen, die we speciaal voor deze reis hadden gekocht. We gebruikten ze amper en met het reizen hebben ze veel te verduren. Dus als je naar Cahuita komt, dan kun je bij Maria perfecte fietsen huren. 

 

Na het weekend wilden we dan toch echt verder gaan, richting de Pacific kust. Maar dan is er een probleem: we mogen niet weg van Maria;-) Haar moeder, samen met een nichtje komen voor een week op bezoek en ze wil gewoon dat wij blijven. Echt lang hebben we er niet over nagedacht. Als je in zo’n paradijsje bent, waarom zouden we dan weg gaan. Het is heerlijk relaxed hier. ’s Avonds eten we lekker met elkaar, JP doet af en toe een huishoudelijk klusje. Soms gaan we naar het dorp om een paar boodschappen.  Het grappige is; dan pakken we de fietsen. Maria zal ons zeker niet snel vergeten, want ze heeft haar 2 jonge katjes naar ons vernoemd:

Hannie en J (ze noemt JP => Mister J)

 

Manzanillo

Na heerlijke dagen bij Maria rijden we een stukje zuidelijker naar Manzanillo. Een klein dorpje recht aan zee, met mooie stranden, waar je ook prima kunt snorkelen. We bezoeken Gandoca Manzanillo Wildlife Refuge, een park dat doorloopt tot de grens van Panama. Wij lopen een gedeelte van de route. Elk park is toch uniek, qua vegetatie, dieren en vogels. We vinden het dan ook zeer bijzonder als we de toekan vogels, de chestnut toucan in het wild rond zien vliegen. 

 

De volgende morgen gaan we snorkelen. Ruim voor de entree van het Nationaal Park, zwemmen we de zee in. Het is even zoeken, voordat we het rif vinden, maar dan is het wel fantastisch om rond te dobberen. De onderwaterwereld is bijzonder mooi. 

 

Op onze terug weg rijden we door Puerto Viejo. We stoppen bij het hotel waar Kamil tijdelijk werkt. We hebben elkaar eerder ontmoet in Antigua (Guatemala) waar we een gezellige avond met elkaar hadden. Hij is hier voor een aantal weken aan het werk, terwijl Zuzana terug is naar Tsjechië. De eigenaar is onder de indruk van onze auto. We mogen voor de nacht op het parkeerplaats staan. Het was leuk om elkaar weer te zien en onze reiservaringen uit te wisselen. Wie weet waar we elkaar de volgende keer weer zien. 

 

Cahuita

Vanaf Santa Clara rijden we naar de Caribische kust. Ten zuiden van Limón ligt het dorpje Cahuita. Ter hoogte van Playa Negra gaan we op zoek naar camping Maria. We worden met veel warmte ontvangen. We zijn gelijk onder de indruk van de schitterende locatie, recht aan zee. Maria onderhoudt haar perceel bijzonder goed, elke dag is ze in de tuin bezig, die vol mooie planten en (fruit) bomen staat. Ze verwent ons ontzettend en we worden overspoelt met fruit. Het is dan ook niet zo vreemd dat we dachten hier 1 nacht te blijven en dit uiteindelijk 6 nachten wordt. 

Op zaterdag maken we een wandeling door het Nationaal Park. De entree van het park is aan het einde van het dorp. Aan de ene kant loop je langs de schitterende kust en aan de andere kant is de jungle. Onderweg zien we een luiaard in de bomen. JP hoeft niet te haasten met zo’n camera, want zo’n beest is, zoals de naam zegt, niet zo snel. Halverwege maken we een stop, om even wat te drinken. Zittend op een boomstam,  maak ik de rugzak open; JP geeft een kreet en ineens zijn onze boterhammen gestolen. We kijken om ons heen en we zijn omsingeld door apen. Samen delen ze onze lekkere lunch. Wij kunnen alleen maar toekijken. Van dit verhaal hebben we een ‘serieuze’ e mail rondgestuurd naar familie en vrienden. De reacties waren overweldigd, waarbij niet iedereen het hele verhaal inclusief foto had gelezen en gezien. 

 

Tortuguero

Via het Parque Nacional Braulio Carrillo rijden we naar de Caribische kant. Het is een een zeer drukke weg midden door het National Park. Met een tussenstop in Guápiles, rijden we naar La Pavona. Vanaf hier vertrekt er een boot naar Tortuguero, dat alleen per boot bereikbaar is. Onverwachts gaan we een weekendje weg. Op de heenreis hebben we veel regen, waardoor de boottrip iets minder mooi is. We vinden een prima hotel, waar we 2 nachten verblijven. De volgende morgen verkennen we met een boottour het National Park. We treffen een vakkundige gids, die vele dieren spot. Ruim 3,5 uur varen we over de rivier, langs de oevers van de jungle. We zien veel verschillende dieren en krijgen zelfs een paar mooie shows van de apen; Spider Monkey’s en White-headed Capucin. Het is toch wel heel bijzonder om dit mee te maken. Op het strand van Tortuguero komen veel schildpadden eieren leggen. Overdag lopen we een aantal keren over het strand, omdat de kleintjes in de ochtend en de late middag uit het nest komen. We hebben goed gezocht maar geen baby-turtles gezien. 

Op de terug reis naar La Pavona is het schitterend weer, waardoor we volop genieten van de boottrip. Zo zien we nog 2 flinke krokodillen of kaaimannen aan de rand van het water. We moeten alleen nog even uitzoeken wat nu precies de verschillen zijn tussen deze dieren. 

Volcan Poás National Park

Van  een hoogte van 1500 mtr rijden we naar 2500 mtr hoogte op weg naar de vulkaan Poás. Bij ons vertrek hadden we nog een blauwe lucht, maar op hoogte komen snel de wolken tevoorschijn. We hebben net geluk

 dat we de krater kunnen zien. Bij de wandeling naar het meer, zien we alleen maar wolken. Jammer dat er geen mooier uitzicht was deze dag, maar dat is de natuur. 

 

 

 

La Paz Waterfall Gardens

We kregen een tip van medereizigers om in het Centrale hoogland zeker La Paz Waterfall Garden te bezoeken. Terwijl we richting Poás Volcano NP rijden, zien we ineens de borden langs de kant van de weg. In het park kun je de nationale dieren van zeer dichtbij bewonderen. Zo lopen we eerst de kooi in, waar 2 soorten toucans rond vliegen; Rainbow Toucan en Chestnut Toucan. Wat zijn ze mooi die vogels, maar ik (Hannie) vind het vreselijk eng. Ze vliegen echt vlak langs je oren. Een verzorger komt met eten en hij zet een vogel op onze arm en schouders. Hmmm, ik lach wel, maar dat was puur op verzoek van de fotograaf;-) In de andere kooien zien we slangen, kikkers, vlinders, apen en de tijger. Er is een mooie wandelroute door het park, langs twee watervallen. Dit was absoluut de moeite waard.

 

Jaco

Na het natte Monteverde Cloud Forest, verblijven we in het weekend aan de kust in de plaats Jaco. Een zeer toeristische plaats met een groot strand, waar surfers zich uit kunnen leven op de hoge golven. De eerste avond staan we op het strand en vieren we JP’s verjaardag goed om middernacht. Met als gevolg dat we van een rustige zondag genieten. Midden in de plaats, dichtbij het strand is er een grote camping, waar we nog twee dagen blijven. 

 

Monteverde Cloud Forest Biological Reserve

We hebben gehoord dat de weg slecht is naar Monteverde. Maar goed, we willen het park toch wel graag zien, dus we rijden er naar toe. Mocht de weg vanaf Santa Elena zo slecht zijn, dan kunnen we altijd beslissen om een tour te boeken. Eerst rijden we nog verder langs het meer Lago Arenal, want dit is 32 km lang. We zien de borden Monteverde/Santa Elena, blij dat we goed rijden. Ahh, en dan is het zo jammer als de verharde weg ineens ophoudt. We komen er al snel achter, dat het niet gaat om het laatste stukje weg, maar dat het gaat om 36 km. We rijden langzaam en het is allemaal te doen. Eind van de middag arriveren we in Santa Elena, waar we een prima plekje vinden bij een pension.

 

We hebben er zin in om een wandeltocht te lopen. Na een ontbijt, de rugzak op en camera mee. De dame vraagt ons of we regenjassen bij hebben. Nou nee, die liggen in de auto (5 meter verderop). Gisteren begon het ook al voor de middag te regenen. Ah, nee hoor we nemen het risico. In het park kun je wel 9 verschillende wandeltochten lopen. JP is enthousiast, want hij wil wel 4 a 5 uur lopen. We volgen de route van 3 uur, maar na een uurtje voelen we de eerste druppels al vallen. We schuilen onder een grote boom, maar op een gegeven moment, worden we toch nat. We besluiten door te lopen. Een aantal keren vraag ik aan JP: gaat het nu nog harder regenen? Het is erg jammer, want de regen is op zich niet zo’n belemmering meer, als je ondertussen kleddernat bent, maar alle aandacht gaat naar het pad waar we op lopen: Modder, water, bladeren, keien, dus uitkijken dat we niet uitglijden. Ach en als je dan door en door nat terugkomt, dan is het toch erg luxe om je eigen huis met douche bij te hebben. We rijden terug naar Santa Elena om hier nog een nachtje te blijven. Een lekker plekje om te staan, ernaast een goed restaurant, wat wil je nog meer?

 

 

 

Lago Arenal

Na onze wandeling door het park, rijden we op het gemakje langs het meer Lago Arenal. De omgeving is zo ontzettend mooi. We worden verrast als we ineens een hotel in Zwitsers stijl zien aan de kant van de weg. Daar moeten we toch echt even stoppen. We zien een camper; Ja, daar is de familie uit Guadeloupe weer. De eigenaresse van het hotel nodigt ons uit om hier een aantal dagen te blijven. Een schitterende locatie in een Zwitserse dorpje. Er is niet alleen een hotel/restaurant, maar ook stallen, een kerk, een boemeltrein en zelf in de bergen een panoramisch restaurant. De volgende middag boemelen we samen met de familie naar boven waar we een fantastisch uitzicht hebben over het meer. We sluiten de middag af met een overheerlijke Zwitserse kaasfondue.

 

Arenal Volcano National Park

We vragen het even goed na, voordat we een afslag nemen richting de hoofdweg. Het is genieten als we via het ‘platte land’ uitkomen op de route richting de vulkaan Arenal. We stoppen in La Fortuna, een typisch toeristisch dorpje waar we ineens een camper signaleren. We ontmoeten de familie uit Guadeloupe sinds lange tijd. Wij laten de was doen en in de tussentijd verkennen we het dorpje. Nadat alles weer schoon en fris is, rijden we naar de entree van het National Park waar we kamperen voor de nacht. We hebben geluk. Ondanks dat het vandaag regenachtig was, verdwijnen de wolken tegen zonsondergang en komt de vulkaan volledig in beeld.

 

De volgende morgen maken we een mooie wandeling door het park. Eerst door de rietstruiken, die toch vele malen hoger zijn, als dat we gewend zijn in NLD. Daarna verandert het in een mooi bos, vol planten. Het is heerlijk rustig wandelen hier en we genieten van de mooie omgeving.

 

Tenorio Volcano National Park

Op naar het volgende park. Bij de eerste afslag besluiten we te keren. De onverharde weg is te slecht om verder te rijden. Gelukkig is er een tweede weg naar het park, die ondanks dat ook deze onverhard is, wel te doen is. Bij de entree is een hotel en parkeerplaatsen waar we prima kunnen staan. De grond is zacht, dus JP heeft het terrein even omgeploegd voordat we uiteindelijk staan. Bij de receptie verhuren ze laarzen om in het park te lopen, maar wij prefereren toch onze wandelschoenen. Het is een intensieve tocht, waarbij we af en toe behoorlijk moeten klauteren, maar het is absoluut de moeite waard. Het eerste uitkijkpunt is een waterval en daarna zien we de rivier ‘Rio Celeste’ die compleet verandert qua kleur door een barst in de aarde. Door de mineralen verandert het water van helder naar azuurblauw. Na een wandeling van ruim 3,5 uur is het toch echt siësta tijd. 

 

Rincón de la Vieja

Na een paar weken van mooie stranden, wordt het tijd om het vaste land te verkennen met alle mooie Nationale Parken. We gaan naar Rincón de la Vieja. Voordat we het park bezoeken, overnachten we bij Gerard en Ingrid die zich sinds een aantal jaren in Costa Rica hebben gevestigd. In het Nationaal Park maken we een mooie wandeling langs de verschillende hete modderpoelen. Het is een warme dag en Gerard adviseerde ons de route juist andersom te lopen. We zouden eerst door het open veld lopen en op het laatst door het bos. Twee factoren hebben ons daarvan weerhouden, nl:

1.We presteren het elke keer om op het heetst van de dag = 12.00 uur te gaan wandelen.

2.We zien de borden niet

We hebben genoten van de wandeling. Op onze terug weg met de auto hebben we geen zin om ver te rijden. We hadden al een andere camping gezien op dezelfde weg. Als we eenmaal boven zijn, blijkt dat we nu bij een Belg zijn. Het is toch net of we weer terug thuis zijn. Een erg leuk hotel, waar we ’s avonds een lekker wijntje drinken en in gesprek raken met andere NLD reizigers en Yves, de manager van het hotel.

 

Peninsula Nicoya

‘Vamos a la Playa!’ Op het schiereiland Nicoya aan de westkust (Pacific Ocean) kunnen we maar kiezen uit de vele stranden die er zijn. 

 

Playa Mal Pais

Vanaf Montezuma rijden we een stukje terug om de afslag te nemen naar Playa Mal Pais. En weer is het hobbelen en rustig rijden. De kustlijn is hier totaal anders, ruig met vele rotspartijen en keien. Het is vooral geliefd bij surfers. We denken dat we niet op het terrein kunnen komen van de camping, want de entree is zo smal. De eigenaar blijft gebaren, gewoon doorrijden. JP rijdt er een halve plantenstruik uit en de elektriciteitsdraden, moeten op verschillende punten omhoog worden gehouden. Na wat steek- en draaiwerk staan we dan toch. Weer hebben we een AAA locatie gevonden, waar we in ieder geval een lang weekend blijven staan. Alleen de volgende morgen rijden we de auto een stukje opzij, want er staat een hele hoge palmboom met veel kokosnoten er aan. We willen toch echt voorkomen dat zo’n kokosnoot op onze auto zou vallen. Elke dag genieten we van de mooie omgeving met de woeste zee en de vele dieren en vogels die we hier zien. Het is een paradijsje. 

Montezuma

Qua infrastructuur is het in het noorden van het schiereiland Nicoya behoorlijk goed ontwikkeld, maar zo slecht zijn gedeeltes van de weg in het zuiden van Playa Naranjo tot Paquera. Het is een onverharde weg, waar we zeer rustig overheen rijden om alles heel te houden. De dag dat we eigenlijk op weg zijn naar Montezuma is de weg afgesloten. Lokale bevolking hebben een weg blokkade gemaakt, als protest tegen de slechte bereikbaarheid. Daarbij komt ook nog eens dat de ferry van het vaste land naar dit gebied niet vaart voor een week (of langer). Door de aardbeving is het land gestegen en de ferry vast komen te zitten. We vinden voor die avond een plekje aan Playa Blanca. De naam zegt het al, een wit strand met een schitterend uitzicht. Helaas zien we dat het strand behoorlijk is vervuild.

 

In Montezuma is het rustig. De meeste toeristen komen hier per ferry naar toe. Nu deze niet vaart in combinatie met het laag seizoen, zien we vele lege winkels en restaurants. 

 

Refugio de Vida Silvestre Ostinal

Na een dagje ‘rekken’ in Sámara gaan we dan toch verder. We rijden een stukje terug richting het noorden om naar het strand Refugio de Vida Silvestre Ostinal te gaan. Dit strand is een beschermd gebied waar miljoenen schildpadden; Lora (Olive Ridley Sea Turtle) hun eieren komen leggen. Het is nu precies het seizoen, maar mogelijk heeft het ook te maken met de maanstand . Bij de fase van het laatste kwartier van de maan komen de meeste schildpadden naar het strand. Precies voor onze aankomst is het 4 dagen en nachten heel druk geweest met schildpadden op het strand. Samen met onze gids en de familie lopen we naar de eerste schilpad toe die uit het water komt. Het zijn grote dieren en zoals het een schildpad betaamt, duurt het wel even voordat ze daadwerkelijk op het droge is. Maar ook voordat ze het juiste plekje op het strand heeft gevonden, om haar eieren te leggen. Dit ritueel duurt ongeveer een uur. We hebben een beetje pech, want de eerste schildpad besluit, na het graven geen eieren te leggen. Als we bij een andere staan te kijken, worden we met z’n allen helemaal opgegeten door de muggen. We moeten echt terug om ons in te sprayen. Bij terugkomst is ze net klaar en loopt ze terug naar de zee. Omdat het ondertussen heel donker is, is het niet meer mogelijk om nog een schildpad te vinden. Er mag absoluut geen fel licht (of flits) gebruikt worden, alleen infrarood licht.

 

We zijn sterk, het doet een beetje zeer, want de volgende morgen lopen we rond 5.15 uur het strand op. We willen toch graag nog een keer schildpadden zien. Er zijn er nog enkele op het strand te vinden, maar de eieren zijn allemaal gelegd. Het rare is dat de grote zwarte gieren, allemaal klaar zitten, om vervolgens het nest open te spitten en het binnenste van de eieren op te eten. Het is onbegrijpelijk dat er nog kleintjes geboren worden na 45 tot 54 dagen. Sinds dat het een beschermd gebied is, is de populatie van de schildpadden enorm gegroeid. 

 

Sámara

Op vrijdag rijden we naar Sámara toe. Er zijn vele verschillen met de andere landen in Central Amerika, zien we zo de eerste dagen in Costa Rica. Grote supermarkten, veel winkels, hogere prijzen bij alles wat je koopt. Er staan heel veel huizen en stukken land te koop, ten gevolge van de crisis? Maar waar we blij van worden, is dat we zien dat het ontzettend schoon is, geen afval langs de kant van de weg. In Sámara zien we een leeg terrein pal aan het strand. Als we navraag doen van wie het is, mogen we er staan voor een paar dagen. We

 

hebben het weer voor elkaar, we staan op een AAA locatie met uitzicht op het strand.  We krijgen een warm welkom van Carola, een Duitse vrouw die al enkele jaren hier woont. Ze heeft een café met bakkerij net buiten het centrum. De volgende dag zoeken we haar op, want goed vers brood is moeilijk te vinden. Het is er erg gezellig en velen weten haar te vinden. Terwijl we zitten te borrelen voelen we weer een aardbeving, die nog heftiger is als de vorige. Omdat we onder een afdak zitten, rennen we met z’n allen de straat op. Iedereen is er van ontdaan en we moeten echt even bijkomen. Het is toch een hele rare ervaring. Later lezen we dat het één van de vele naschokken was, 5.6 op schaal van richter. Ondertussen ontmoeten we de familie uit Quebec weer en er is plaats genoeg op het terrein waar we staan.

 

Playa Ocotal

Wij bezoeken Playa del Coco, een plaatsje aan een mooie baai met een gezellige, toeristische sfeer. We blijven ons verbazen over de luxe winkels en supermarkten die we ineens zien in Costa Rica. Je kunt merken dat hier veel Amerikanen komen en of wonen. We rijden een stukje verder naar het volgende strand Playa Ocotal, waar we een prima plekje vinden. Einde van de middag gaan snorkelen. We zien volop kleurrijke vissen rond zwemmen.

 

Grens Nicaragua / Costa Rica

We hebben het goed naar ons zin in San Juan Del Sur, daarom besloten we nog een dag langer te blijven. Terwijl we op woensdagmorgen een kopje koffie drinken voor onze auto, voelen we een aardbeving. Het is heel heftig en eng. De auto staat behoorlijk te schudden. Het gekke is dat je iets wil doen, maar je kunt niets doen. Als het weer rustig is, krijgen we te horen dat het episch centrum in Liberia (Costa Rica) is. Er zijn tsunami waarschuwingen en we moeten het terrein verlaten, want we staan pal aan zee. Op de scheepswerf adviseren ze ons de stad uit te rijden, naar een hoger gelegen gebied en tegen de avond terug te komen. Ons plan was om deze dag de grens over te gaan en uiteindelijk doen we dat ook. 

 

Na de boodschappen en een lunch in Rivas rijden we naar Peñas Blanca de grensovergang naar Costa Rica. We lopen van het ene naar het andere kantoortje voor de juiste documenten, en de stempels. Bij het verzekeringskantoor zegt de beambte dat we een handtekening van een advocaat nodig hebben ivm onze autopapieren. Toevallig heeft hij een kantoor aan de overkant van de straat. Na het plakken van een stuk of 6 zegels, een stempel en een krabbel, vraag ik hoeveel het kost. We mogen $ 40,00 betalen, wat we belachelijk veel vinden. Eerst vraag ik een factuur, maar die heb ik helemaal niet nodig. Ik haal een $ 20,00 biljet uit mijn portemonnee en zeg dat ik niet meer heb. Het is nog goed ook. Had ik nu maar……

 

In Cuajiniguil kijken we voor een ‘kampeerplaats’. We zien parkeerplaatsen aan de zee, maar we weten niet of het wel veilig is. We rijden naar het dorpje  en vragen de politie waar we kunnen staan. Een agent verwijst ons naar Playa Junguilal, dit ligt in een beschermt gebied. Ondertussen is het donker geworden, als we bij de entree van het park aankomen. Helaas is het dicht i.v.m. de tsunami waarschuwingen. We rijden dezelfde dirt road terug en stoppen weer bij de politie. Ze bieden excuses aan, omdat ze er niet aan gedacht hadden. Ze stappen in de auto en rijden ons naar de parkeerplaats aan zee!! Hele slimme agenten toch?

 

Please reload

© JP & Hannie, Global Travellers since July 2010